|
Er bestaan twee vormen voor het voegen van de naden tussen de stenen van het metselwerk.
De meest toegepaste vorm in Nederland is het achteraf voegen.
Hiertoe wordt tijdens het metselen de metselspecie uit gekrabbeld, zodat er ruimte ontstaat om na uitharding van de metselspecie een voeg aan te brengen.
Deze methode van achteraf voegen heeft het voordeel dat de kleur en de structuur van het voegwerk aangepast kunnen worden aan de wensen van de eigenaar.
De andere methode is het zogenaamde doorstrijken van de metselspecie tijdens het metselen.
Een weinig toegepaste methode, die echter een hoge kwaliteit voeg oplevert.
|